Als je door de gangen van de Rijksuniversiteit Groningen loopt, waar studenten en collega’s zich haasten, zie je al snel dat werk veel meer is dan een taak. Bij Facility Support zie ik mensen binnenkomen die gewend zijn om teleurstelling voor te zijn. Schouders naar voren, de blik naar de grond, voorbereid op mislukking. Ze dragen labels, diagnoses, afwijzingen en dossiers. Maar achter al die woorden zit een mens, en vaak een mens dat zó graag wil.
Na enkele weken gebeurt er iets. Een lach bij de koffie. Een grapje tussendoor. Een stap die zekerder klinkt. Iemand die voor het eerst zegt: “Tot morgen.” Het lijkt klein, maar het is groot. Dat is herstel. Dat is groei. Werk geeft vier dingen die essentieel zijn voor menselijkheid: het gevoel ergens goed in te zijn. Invloed hebben op je dag. Ergens bij horen. Iets doen dat ertoe doet. Die vier pilaren zie ik elke dag terug in alles wat er gebeurt binnen Facility Support. Een medewerker zei eens: “Ik dacht dat ik niks waard was… tot ik hier een sleutel kreeg.” Een sleutel is een klein stukje metaal, maar voor hem was het erkenning, vertrouwen en een nieuw begin.
Veel van onze collega’s leven met depressie, angst, verslaving, autisme, niet-aangeboren hersenletsel (NAH) of trauma. En toch zie ik steeds weer hetzelfde: wanneer je iemand ritme, duidelijkheid en verantwoordelijkheid geeft, gebeurt er iets wat geen medicijn volledig kan herstellen. Werk geeft overzicht in het hoofd. Rust in het lichaam. Een plek in de wereld.
Facility Support voelt voor mij als een kleine samenleving. Mensen van alle achtergronden en leeftijden werken er zij aan zij. Hier gaat het niet om status, opleiding, geaardheid, geloof, achtergrond of verhaal. Hier gaat het om wie je bent als mens: om inzet, om vriendelijkheid, om humor, om geduld, om hoe je naar anderen kijkt en hoe je samenwerkt. Het gaat om verbondenheid, om het gevoel dat je welkom bent zoals je bent. Respect is ons fundament.
Ik vergeet nooit hoe een faculteitsdirecteur een medewerker bedankte voor zijn hulp bij een verhuizing. Slechts twee seconden. Maar de volgende dag liep hij trotser dan ooit. Erkenning kost niets, maar betekent alles. Meedoen werkt niet alleen voor medewerkers; het werkt voor de hele organisatie. Minder verzuim, minder verloop, meer loyaliteit en meer stabiliteit. Economen noemen dat Social Return on Investment. Ik noem het iets anders: de winst die ontstaat wanneer je een mens niet opgeeft.
Werk brengt werelden samen die anders nooit zouden raken: de hoogleraar en de toezichthouder, de student en de spoelkeukenmedewerker, de onderzoeker en de BBL’er. Dat zijn de ontmoetingen die een universiteit menselijk maken. De echte waarde van dit werk zit in zinnen als: “Ik kijk weer uit naar maandag.” “Ik durf weer een huis te huren.” “Mijn dochter zei dat ze trots op me is.” “Ik ben iemand.”
Alles wat ik in dit boek schrijf, begint hier: werk verandert levens. Het is de plek waar iemand weer rechtop gaat staan, waar vertrouwen terugkeert en waar toekomst opnieuw begint. Meedoen is geen droom en geen ideaalbeeld; het is de keuze om elke dag opnieuw menselijkheid boven systemen te zetten. Dáár, in die keuze, ontstaat echte verandering. En elke dag zie ik opnieuw: het kán wél.
Auteur: Arthur Hilberdink
Uitgeverij: Durden
Eerste druk: zomer 2026
.
Niet de rolstoel is het obstakel, maar de trap zonder lift. Niet de dyslexie, maar de ingewikkelde teksten. Niet het autisme, maar de chaotische werkplek zonder structuur
